De menselijke maat is voorwaarde voor maatschappelijke verandering

In gesprekken met onze netwerkpartners in onderwijs, jeugdzorg, welzijn en justitie zie ik steeds vaker een paradox ontstaan: ‘systemen’ worden complexer, terwijl oplossingen voor kinderen en jongeren in een kwetsbare positie juist menselijk kunnen – en wat mij betreft móeten – zijn.

Op weg naar inclusief onderwijs zullen we elkaar als onderwijs, jeugdhulp, welzijn, zorg en overheid nog meer moeten vinden in het bedenken van nieuwe oplossingen die beter aansluiten bij de leefwereld en behoeftes van kinderen en jongeren. Deze tijd vraagt om het vermogen om anders te kijken, om anders te kunnen doen. We moeten bestaande patronen doorbreken en ook bestuurlijk nieuwsgierig zijn, nieuwe perspectieven creëren en soms buiten de gebaande paden bewegen.

Juist in het samenspel tussen maatschappelijke organisaties maakt de menselijke maat het verschil. In de samenwerking over domeinen heen ligt een belangrijke sleutel. Initiatieven kunnen alleen landen in de praktijk en de kwaliteit van leven voor onze jeugd verbeteren als professionals ruimte en vertrouwen ervaren om vanuit hun menselijkheid te kunnen handelen. Een goed gesprek op het juiste moment blijkt vaak effectiever dan een uitgewerkt beleidsstuk. Dat merk ik zowel in mijn rol als bestuurder als die van toezichthouder. Niet alles hoeft dichtgeregeld te worden om goed te functioneren. Soms ontstaat de grootste beweging juist wanneer systemen iets loslaten en mensen meer verantwoordelijkheid krijgen.

De maatschappelijke uitdagingen waarvoor we staan – naast inclusief onderwijs bijvoorbeeld ook het oplossen van problemen in de jeugdzorg en het bieden van perspectief aan jongeren in detentie – vragen om ketensamenwerking waarin alle betrokken organisaties bereid zijn om verantwoordelijkheden te delen. En om opnieuw naar hun eigen rol te durven kijken. Met steeds die mens voor ogen, in ons hoofd én hart.

Ik verwacht dat financiële middelen de komende jaren verder onder druk komen te staan. Méér moeten doen met minder geld: dat vraagt om scherpe keuzes maken. We kúnnen dan ‘het systeem’ niet langer centraal stellen en zullen samen moeten kijken naar de mens achter de hulpvraag die kinderen en jongeren en hun ouders aan ons stellen. Ik zie dat als kans!

Met mijn collega-bestuurders probeer ik om verbinding te houden als de druk toeneemt, ruimte te geven aan vakmanschap van professionals – zij weten meestal héél goed wat nodig is om kinderen en jongeren verder te helpen – en om altijd perspectief te blijven zien of vinden. Zo kunnen we het verschil blijven maken.

Juist in de spanning tussen ambitie en schaarste wordt zichtbaar wat samenwerking werkelijk kan betekenen. Dáár maakt leiderschap het verschil: ook wanneer de druk toeneemt die menselijke maat centraal blijven zetten. Niet als cliché dat alleen mondeling wordt uitgesproken, maar als voorwaarde om samenwerking werkelijk betekenis te geven.

– Ruud van Hertum

Reageren? Mail naar communicatie@aloysiusstichting.nl